c. Vr.
Hoe stond het met het geloove en leven van de Joden op dese tijd, en insonderlijk van de Kerkelijke Persoonen?
Ant. Alles was in groot verval gekomen; soo verre, dat Nicodemus de Pharizeer, een van de beste onder de Joden, des nagts tot Jesum komende, met schaemte most bekennen, dat hy de gelegentheid van de weder-geboorte en bekeeringe nog niet verstond, Joa. 3.9. Nicodemus seide, hoe konnen dese dingen geschieden? Joa. 3.1, 3.