b. Vra.
Maer soude so een slegte kleedinge niet schijnen na gierigheyt te smaken?
Ant. Neen, soo wanneer als men rijkelijk aen arme lieden uitdeelt, want hier voor moet men dan sorge dragen, Job. 29.14. Ik bekleede my met geregtigheid, Esai. 58.6, 7. Is 't niet dat gy den hongerigen u brood mede-deilt, ende de arme verdrevene in huis brengt: Als gy eenen naekten siet dat gy hem dekt?