Skip to content
1700

Dagelyckse huys-catechisatie

Franciscus Ridderus

c. Vr. Wat moet dan onse voorsigtigheyd wesen ontrent alle geselschappen? Ant. Deselvige bestaet hier in: [1.] Dat wy altijd na het beste geselschap soeken, ende ons herte bewerken, dat wy een geselschap mogen liefhebben om der vromen wille, 2 Joh. vs. 1. De Ouderling aen de uytverkoorne vrouw en aen haer kinderen, die ik in waerheid lief hebbe, ende niet alleen ik, maer ook alle die de waerheid bekend hebben, Ps. 16.3. Al mijn lust is tot de Heilige die op der aerde zijn.

[2.] De vrome met malkanderen zijnde, soo moetense malkanderen oeffenen, en op-scherpen tot alle heylige pligten, Heb. 10.24. Laet ons op malkanderen agt nemen tot opscherpinge der liefde en der goede werken, Prov. 27.17. [3.] Als godloose by ons sijn, soo moeten wy niet te veel spreken, maer seer voorsigtig op onse woorden agt geven, Ps. 29.2. Ik sal mijnen mond met een breidel bewaren, terwijl de godloose tegen my over is, Jac. 1.19. Niet ras in 't spreken. [4.] Wy moeten by alle voor-val de godsalige prijsen, en de heerlijkheid toonen van het geselschap der vrome, en dan ook spreken van de heerlijkheyd des Hemelschen Geselschaps, Heb. 12.22. Gy zijt gekomen op den Berg Zion, ende de Stad des Levendigen Gods, tot het Hemelsche Jerusalem, ende de vele duisenden der Engelen, verss. 23, 24.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Dagelyckse huys-catechisatie · Franciscus Ridderus · Poetry Cove