b. Vr.
Waerom seid dan Christus, Matth. 6.6. Wanneer gy bid, gaet in uwe binnen-kamer, ende uwe deuren gesloten hebbende bid uwen Vader die in het verborgen is?
Antw. Christus spreekt van yders bysondere gebeden, en stelt sijn last tegen de geveynstheyd der Pharizeen in hare openbare schijn-heylige gebeden; Maer hy spreekt niet tegen de openbare gebeden in de vergaderinge der geloovige, Act. 1.24. Sy baden, ende seiden, gy Heere, &c. Act. 4.24.