c. Vr.
Hoe hebben het Saulus en Barnabas voorts gemaekt?
Ant. Sy zijn te Iconien gekomen, en hebben daer vele Joden en Heydenen bekeert: 't welk als de ongelovige onder de Joden qualijk op-namen, en tegen haer een oproer verwekten, so datse in perijkel waren, om gesteenigt te sullen worden, so sijnse na Lystren gevlugt, Act. 14.1. Een groote menigte van Joden en Grieken geloofden, Act. 14.2, 3, 5.