Skip to content
1878

Bloemen en knoppen

Eliza Laurillard

II.

Op het erf.

Ja! een deel van 's landvolks vreugde Is verbonden aan 't genot Van de ‘rijstenbrij met suiker’, - Diep verband van hart en pot!

Zie, hoe kloek zich allen weren, Bij hun vol en dampend bord, Hoe 't gelaat van knaap en deerne Steeds meer rond en glanzig wordt.

Nu de geur'ge vette ham nog, En het paarlend, schuimend bier, En de dikke krentenbollen, - Dat is echte goede sier!

Dat is prettige open tafel, Onder 't blauwe tentedoek Van een held'ren zomerhemel, In een koelen groenen hoek. -

Afgeloopen is de maaltijd, En de danspartij vangt aan. 'k Zie er al een paar met vedels Op twee leêge tonnen staan.

‘Heb je strammigheid of koû In je heup of knie, Hou je dan van daag maar dom; 't Gaat klikke, klakke, rommentom, Van een, van twee, van drie!’

‘Als je Geert niet krijgen kan, Pak je fluks Marie. Harmen! geef Marie een zoen, - Dat mag je nog wel zesmaal doen, En zes is tweemaal drie!’

‘'t Meiske zucht: “ik ben zoo droef, Wijl 'k geen knechtjen zie.” Maar 't knechtjen is er al, - nou, kom! Nou frisch een rondje, rommentom, Van een, van twee, van drie!’ -

Nog een toertje, weêr een rondje Doet de blijde, bonte schaar; Maar in 't eind, - want alles eindigt! - Is de tijd van scheiden daar.

Nu, 't was heerlijk, 't eten, 't springen, 't Vroolijk feest na 't zware werk; - Wel te rusten! - Morgen Zondag! Morgen ochtend roept de kerk.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Bloemen en knoppen · Eliza Laurillard · Poetry Cove