Skip to content
1611

Het Walchers liedeboeck

Dirk Schabaelje

Na de wijse Nero Moordadich

NA sweerelts bousel Ontrent vier duysent Jaren In het aenschousel Twee Keyseren doen warenLuc. 2, 1. Eenen was ouer cleyn Onnoosel scharen d'ander groot Capiteyn Van veel dienaren De aldervroomste In alle sijn affeeren Sijn edel comste Scheen een yder te keeren Maer een sondaer ontfijnck Slauen en heeren Als die der aerden rijnck Moeste regeeren Niet was sijn rijckeJoan. 18. 36 Ghecomen van beneden

En van ghelycke En moghen oock syn leden Daerom des Keysers vrient Anders van zeden Heeft voor hem niet ghedient Noch oock ghestreden Schatten van Goude Op pijne van te dooden Elck brijngen soude Tsy heydenen oft Jooden Maer shemels vorst heeft dat Alle ghevloeden En van een ander schat Heeft hy ghebooden Die met hem willen De eenicheyt aencleuen Moeten hier stillen Hen aertsghierighe leuen Niet nemen, doch haer broot Act. 20. 35Veel liever gheuen Haer naeste die van noot Werden ghedreuen Die de baniere Van ons heere wil bringen Mach gheen plaisiere Hebben in ydel dyngen Maer tot een eeuwich pant Den sin bedwyngen 1. Pet. 2. 10.Passeeren door dit landt Als vremdelyngen Tot een besluyten D'een Coninck is al henen In aerde muyten Syn heerlicheyt verdwenen

D'ander blyft sonder endt En tis den genen Die bouen tfirmament Hoogh is verschenen

Weest op u hoede.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Het Walchers liedeboeck · Dirk Schabaelje · Poetry Cove