LIVste lied.
Hemelsche opwekking.
Het hart in den hemel;
Dit rust'loos gewemel
Baart moeiten en strijd:
Het kan ons niet geven,
Dat vrolijke leven,
Aan Goël gewijd.
Het hart in den hemel;
Dit rust'loos gewemel
Sloopt grijsheid en jeugd:
De reis ligt naar boven,
Om Goël te loven,
Met Engelenvreugd.
Het hart in den hemel;
Dit rust'loos gewemel,
Dat wellusten biedt,
Mag ons doen gevoelen,
Een dartelend woelen,
Maar 't hemelsche niet!
Het hart in oen hemel;
Dit rust'loos geweme!
Ontzinkt in den nood.
Al wat wij hier zaaijen,
Dat zulien wij maaijen,
In 't uur van den dood.
Het hart in den hemel,
Dit rust'loos gewemel
Door zonde verpest,
Moet' nimmer ons hind'ren;
God roept ons als kind'ren
Naar 't zaligst gewest!