E.
EEn eeuwigh vuyr, most in de ermen.75
Een grijse Rotz, die t' eenemael.87
Een Leeuw die uyt sijn woeste keel.126
Een kronckelende krans.159
Een Waghen niet als vlam.169
Een Boom, op vetten gront gewassen.194
Eenen Walvisch wreet en groot.208
Een woest en woelend klaegh-gespuys.218
Een Vijge-boom trockt 't oogh der wandelaren.226
Eerstmael was // als Godts Bruydt etc.295
Een slaef geperst door slavernye.339
Een krijghs-macht is een stercke Schans.354