E.
Een goedt verstant, een wijs beleyt.28
Een mensch die hoord te weten.47
Een Aexter was eens bloot en kael.57
Een Aep die eenen vreemden lust.60
Een oude Fabel, van lange wijl.78
En roemt niet van u Landt, noch Stadt.96
Een mensche van natuur.110
Een moordenaer die altoos // Goddeloos.132