Skip to content
1706

Echos weder-klanck

Cornelis Bie

Toe-sangh.

Schoon de furi van d'Afgoderijen Wil Astion bestrijen en vervolgen totter doodt Sijne liefde is te groot ... Laet de Werelt, Duyvel, Vleesch, hun daerom vry schreeuwen heesch Astion en heeft geen vrees Sy en connen hem niet schaden, hy betrout op Godts genade Door t'Gheloof, die sijn Siel van ongheval Sal bewaren, en den roof Van het Vleesch noyt wesen sal.

Verschijnen het Gheloof, Hope, en Liefde

SYn siele hoort my toe, want die in my ghelooven En sal niet lichtelijck de werelt my ontrooven Hun siele saligheyt, ten waer door sondigh quaet Dat het Geloof verdooft, alsmen dat niet en laet En Godts ghebodt veracht: Liefde: den Heere sal bewaren Den schoonen Astion nu hy comt openbaren Het licht van sijn Geloof, door my hem inghestort Op hop' van sijn geluck, dat soo vercreghen wort Hope. Geluckigh die sijn hop' op Godt alleen can setten En hem daer op betrouwt, hy sal veel quaet beletten, De hop' is Godt alleen: de hop' is s'menschen al Die dan in Godt Gelooft, en hopt, noyt dolen sal.

Binnen

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Echos weder-klanck · Cornelis Bie · Poetry Cove