Skip to content
1650

Den groeyenden Lierschen blom-hof

Cornelis Bie

Op de wijse: O Coridon, &c.

Blijschap. FOrtuna soet die tot my dijst En geeft het gheen mijn hert vereyst. Reden. Fortuna die en gheeft u niet Als troosteloose sorghen en veel jammerlijck verdriet. sorghen. Een vrouw is eerst een lichte pack Soo lanck als noch den speel-man sit op't dack.

Blijschap O vlugghen Godt die my becroont Met soo een aenghenaeme schoont, Reden. Maer sy niet fraey, verachten sout Maer siet dat ghy altijt seer wel een stercke wachte hout, sorghen. Spoeyt u wanneer t'ghelt is vertiert En u met vlijdt terstondt tot sorghen keert

Blijschap Ick heb mijn vrouw wonderlijck lieff Want sy doet wel haer huys gherief, Reden. V vrijheydt die ghy had te veel

Die sijdy quijdt alleen door dit verbonden erffdeel. Sorghen. Maer blijft eens uyt met een blou blom Met stocken u sal heeten willecom. PRINCE Blijschap Dees Princers is my aenghenaem Roem-weerdt door d'onghetonghde faem Reden. Ist een Princers soo sijt niet vry Door haere gaeven die u soo brenghen tot hooverdij Sorghen. Siet dat ghy doet naer haeren wensch Sijt altijdt ghedachtigh den armen mensch

FINIS.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.