Skip to content
1722

Uitbreiding over honderd leerzaame zinnebeelden

Claes Bruin

Op het XXXVIIste Zinnebeeld.

Doet hier het afzyn van de Zon, Die alverkwik'bre levensbron, De wateren bevriezen, En stelt de sneeuw en 't ys ten toon, Waar door natuur, noch korts zo schoon, Haar luister moet verliezen, Ja sterven, om weêr op te staan? Helaas! hoe zal 't met ons dan gaan, Wanneer de ziel van 't leven, De Zonne der gerechtigheid Die ons met weldaên overspreid, Ons herte gaat begeeven. Dan is het winter; dan is 't nacht; Dan mist de wil zyn grootste kracht; Dan sterven al de vruchten Van hoop, van liefde en van 't geloof; Dan heeft men telkens voor den roof Des helschen wolfs te duchten. Genade, ô Schepper! blyf ons by: Dat steeds uw glans een artseny Van blydschap mag verstrekken. Ja schep een Lente in ons gemoed, Die nooit vergaat; op dat uw gloed 't Bevrozen hert mag trekken, Door uw genade en zynen pligt, Uit doodsgevaar in 't eeuwig licht.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.