Skip to content
1682

Evangelische leeuwerck

Christianus Placker

Wijse: Om een die ick bemin. De noten, den 5. Sondag in de Vasten. VErtrooster Heyligh Geest, Komt neder-dalen: Ontsteeckt ons minst, en meest Met uwe straelen. Siet hoe wy sondaers vol zijn van gebreecken: Hoe dorr' ons ziel van bin: Hoe flouw' ons hert en sin: Wilt met 't vyer uwer min' Dat weer ontsteken. Siet

Ghy daeld' op Pinxter-feest, In 't schijn van tonge, Act. sup. Op die daer zijn geweest, Soo oud', als jonge/ Tot hondert twintigh sterck, die om u baden: Ghy gaeft hen altemal, In sinte Marcus zael, De gaef van meenigh tael, Van Wijsheyt Raeden. Tot

Daelt, Heyligh Geest, soo neer In onse herten, En suyvert ons ziel weer Van sond' en smerten, Wilt ons als nieuwe creaturen maken, In liefd', ootmoedigheyt, In hoop, en lijdtsaemheyt, Geloof, en zedigheyt, In bidden, waken. Wilt

In alle swarigheyt, Wilt ons verlichten: Tot 't goedt, en deughtsaemheyt Met u Vyer stichten. Geeft mildelijck u goddelijke zegen U gaven seven-voudt Soo in ons herte bouwt; Dat het niet en verflouwt In uwe wegen. Geeft.

Stuert soetelijck het schip Van onse Ziele;

Dat het der sonden klip Niet en verniele; Maer magh geluckigh houden 's hemels haven. Hier toe ontsteekt ons hier, Op u wys, en manier, Met uwer Liefden Vyer, Fonteyn der gaven! Maer

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Evangelische leeuwerck · Christianus Placker · Poetry Cove