Skip to content
1682

Evangelische leeuwerck

Christianus Placker

Wijse: O Flora. Besnijdt. Wat is den Hemel vol çieraet.

Twaelf jaer oudt Jesus is geleyt Van sijne Ouders naer den Tempel, Was tot een exem-

pel Van godtvruchtigheyt. Alwaer sy hebben hem gemist: Want hy bleef daer, dat niemant wist. Soo dat, naer 't Feest, elck tradt Wegh, sonder hem, op 't padt.

Maer naer een dagh-reys' dochtens' om: En, als s' hem nergens konden vinden By vriendt, of beminden, Keerden wederom. Sy sochten heel drie dagen lanck. Och hoe bedroeft was desen ganck! Hoe scheurde 's Moeders hert. En Josephs door die smert! Sy

Sy in den Tempel vonden hem Ten lesten onder de Doctooren Sitten, vragen, hooren Te Jerusalem. Sijn Moeder sprack hem min'lick aen: Soon, waerom hebt g' ons dat gedaen? Hy sey': Mijns Vaders werck Moest voorgaen, en sijn Kerck. Sijn

Hy is dan weer met hen gegaen: En heeft in deughden toe-genomen, Wijsheyt oock bekomen, Was heur onderdaen. O Menschen hier drie deughden leert: Uw' Ouders onderdanigh eert: Vyert het geboden Feest: In druck verduldigh weest.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Evangelische leeuwerck · Christianus Placker · Poetry Cove