Skip to content
1720

Zedenzangen

Carolus Tuinman

M.

DIEVEN.

Men laat de groote dieven loopen. 54

TUCHT.

Men poogt vergeefs een ouden stam. 63

MILDHEID.

Men wil wel breede riemen snyden. 72

WAARHEID.

Men zegt al lachende de waarheid enz. 25

VERWYTERS.

Men zegt, de pot en ketel keven. 31

'T MALLE PAARD.

Men zegt, de man beryd' het malle paard. 107

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Zedenzangen · Carolus Tuinman · Poetry Cove