Het biedt niet meer dien zoeten geur,
Noch draagt die liefelijke kleur,
Waar 't in de lente eens op mogt roemen.
Wij menschen, ligtverwelkbre bloemen,
Bezitten in den zomertijd
Een' geestkracht die ons dra ontglijdt,
En dus ons leert, bij lentedagen
Naar wetenschap en kunst te jagen.