Skip to content
1880

Dichtwerken. Deel 2

Bernard Haar

Bl. 209.

VII. Excelsior! Het opschrift zelf wijst genoegzaam aan, dat ik door Longfellow's bekend en beroemd gedicht tot de hier gegeven voorstelling ben geleid. In den tegenzang heb ik geenszins de zucht naar vooruitgang bestreden, maar wel een gevoelen willen doen gelden, waarin velen, die niet minder dan ik vrienden van vooruitgang wenschen te blijven heeten, nog met mij zullen deelen. Van ganscher harte huldig ik het loffelijk streven van den menschelijken geest, om op religieus-wijsgeerig, ethisch en anthropologisch gebied, ten aanzien van de ‘betrekking tusschen God en de wereld’, van ‘het Godsbestuur en 's menschen zedelijke vrijheid’, en van ‘stof en geest’ tot een zuiver monisme te geraken; maar ik gevoel vooralsnog weinig lust de alzoo voortgetrokken lijn tot het uiterste te vervolgen, waar ik zoo duidelijk voor oogen heb, waartoe, bij consequente redeneering, een volslagen monisme en determinisme moeten leiden. Vraagt men mij dan: waar, naar mijne meening, die eeuwige sneeuwlinie (in figuurlijken zin) wordt overschreden? ik heb als antwoord gereed: waar het onderzoek der gezochte waarheid niet - zonder het loochenen en prijs geven van andere waarheden, die door de inspraak des gewetens zelve als onomstootelijk worden erkend, en in de diepte van het religieus bewustzijn hare handhaving en bescherming vinden - kan worden voortgezet. Waar alzoo de eene lijn door eene andere zuiver voortgetrokken lijn wordt gesneden, dáár moet, al vermag ik de feil niet aan te wijzen, eene afwijking in het denken hebben plaats gehad, en blijve het mij vergund, op het gevaar af van ‘half’ te moeten heeten of het verwijt te moeten hooren van ‘niet mee te kunnen’, vooralsnog ‘halt’ te houden, of een ‘non liquet’ uit te spreken.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Dichtwerken. Deel 2 · Bernard Haar · Poetry Cove