Skip to content
1880

Dichtwerken. Deel 2

Bernard Haar

Aan een baviaan.

Bl. 289. 'k Vraag ook: Waar ga ik heen?

Bij den grooten opgang, dien het Darwinisme in onze dagen gemaakt heeft, meen ik het toch als mijne bescheidene meening te mogen uiten, dat, welverre dat de wetenschap hieromtrent haar laatste woord reeds zou gesproken hebben, het zich hoe langer zoo sterker zal openbaren, hoe men zeer wel de groote Idee der ontwikkeling in de wording van al het bestaande kan handhaven, zonder het Darwinisme in den engeren zin, met al zijn hypothesen en gevolgtrekkingen te aanvaarden. Wie in de steeds aanwassende litteratuur over dit aangelegen onderwerp niet geheel vreemdeling is heeft het kunnen opmerken, dat de schrijvers, die er nog op uit zijn, om Darwin's Theorie met de algemeen erkende en gangbare begrippen op godsdienstig en zedelijk gebied zoo goed mogelijk in overeenstemming te brengen, de zoo gewichtige vraag van s'menschen persoonlijk voortbestaan òf bijkans onaangeroerd laten, òf - wat mij trouwens niet verwondert - op uitwijkende en weinig bevredigende wijze beantwoorden. De hoofdstelling omtrent s'menschen dierlijke afkomst hier geheel in het midden latende of des noods gewonnen gevende, meende ik daarom ten volle gerechtigd te zijn om - gelijk ik in dit stukje gedaan heb - de vraag ‘waar ga ik heen?’ scherper te doen uitkomen.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Dichtwerken. Deel 2 · Bernard Haar · Poetry Cove