III.
Thomas op golgotha.
Nog hield het tastbaar duister aan, Dat, als een mantelfloers, zich langs den hemel strekte, Dat, als een donderwolk, der Scheedlen heuvel dekte, En 't voorgevoel van 't wee bij 't schuldig volk verwekte, Welks mond den vloekkreet op deed gaan.
In 't eind - daar gaat het licht weer langs de heemlen stroomen; De neevlensluier scheurt. en, daaruit opgekomen, Treên ook de kruisen weer nabij; En langs Kalvaarje wordt de bange klacht vernomen: ‘Mijn God! Mijn God! waarom verlaat Ge mij?’
Die klacht, waarop met daavrend beven, De grond, waar 't kruis stond ingeplant, En heel het krimpende ingewand Der zuchtende aard zou antwoord geven - Die klacht wordt ook gehoord door hem, Die, met de handen saam voor de oogen, Ginds weenend ligt ter aard gebogen,
Maar sidd'rend opspringt bij die stem. 't Is Thomas - van de groep der vrouwen En jongren meer ter zij getreên - Die, met zijn zielesmart alleen, Hier 't vreeslijk einde wil aanschouwen Van 't geen de Heemlen heeft doen rouwen, En als een bange droom hem scheen.
‘Verlaten? Hij van God verlaten? Welk een triumf voor wie Hem haten!’ Zóó zucht hij, bij dat laatste woord, Vol schrik en weedom aangehoord. Nog wacht hij, of zijne oogen 't zagen, Hoe de uitverkoren liev'ling Gods, Der spott'ren vloekgeschreeuw ten trots, Door de Englen werd van 't kruis gedragen. Vergeefs! Nog eenmaal galmt die stem, En Thomas richt weer 't oog op Hem - Maar ziet het zinkend hoofd gebogen, En 't bleek en afgepijnd gelaat, Van blauwe doodskleur overtogen! - Geen zenuw trilt - geen adem gaat - 't Wordt alles nacht voor Thomas' oogen! Hij voelt nauw, dat het aardrijk beeft; 't Is hem of heel de schepping sneeft; Of weer de zon haar licht gaat derven, Nu zijne ziel - met Jezus' sterven - Haar licht, haar zon verloren heeft!
Nog lang aan de eigen plek gebonden, 't Gelaat van 't opperkleed omwonden, Bukt hij dáár smartlijk zwijgend neer; Dáár rijst hij uit zijn mijmring weer: ‘Voor mij geen troost of leedverzachting! Zóó snikt hij met gesmoorde stem - 't Is uit met Israëls verwachting! Mijn laatste hope stierf met Hem!’
Cookies on Poetry Cove