Skip to content
1672

De heyr-baene des cruys

Benedictus Haeften

HET IV. CAP.

Dat men sy selven inde draegingh des Cruys niet beroemen mach.168 Het visioen van Arsenius vande twee die het hout overdweers droeghen.169 De beroemingh moet in alle goede wercken gheschouwt worden.169 Hoe ydel dat het is menschelijcken loff te soecken.170 Wat een groot quaedt dat d'ydel glorie is.171 Datmen gheen deught en magh doen om vande menschen ghesien te worden.172 Hoe d'ydel glorie moet verwonnen worden.173 De ooghe des ghemoets is d'meyningh des herten.173

De meyningh moet altijdts recht, ende tot Godt ghestiert worden.174 D'oodtmoedigheydt moet inde Cruys-dragingh bewaert worden.175 Den Keyser Heraclius en kan met het Koninghlijck habijdt het Cruys niet draghen.175

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De heyr-baene des cruys · Benedictus Haeften · Poetry Cove