Skip to content
1609

Den pyl der liefden

Arnoldus Cobbault

III.

Oorcondt my toch Wat Landt heeft u verborgen Vlysses och Waar mach Vlysses zijn VVantick ben noch Volancxsten end' vel sorgen Oft door bedroch Ghy u verstaket fijn De liefde doch Is een jalours venijn Ick ben alleen in droef heyt,, gaar T' net dat ick daachs heb gebreyt,, claar, Ontweef ick snachts met arbeyt,, swaar, Om u de liefste mijn. Troyen vermaart Heeft opgeweckt de Griecken Troyen onwaart Beweent der Griecken cracht Troyen hoovaart Is nu ghecort zijn wiecken Troyen beswaart Is van ons t' onderbracht Troyen onaart Kent nu Vlyssera sacht Ilion welck verheven,,was, End Hector cloeck van leven,,ras,

Sijn oneert end, gebleven,,ras, Onder der Griecken macht.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Den pyl der liefden · Arnoldus Cobbault · Poetry Cove