Zangh: Courante Monsieurs.
I. STil, dertle tongh, blijft binnen dwangh Van reden; 't Alderkortst' is quaat en veel te langh; En maakt de zeden Vuil en ongeschikt, Daar een oprecht gemoet voor schrikt. Niet is den vroomen zoo zeer tegen, Als dat
den quaden, door 't veel plegen, Zich daar toe krachtigh maakt ge - ne - gen.
I I. Zoo baart de tong verraat in hert En zinnen: Want die zich in ydle spraak verwert, En laat verwinnen, Brengt zijn ziel ter doot: Want zulk vergrijp voorwaar is groot; Zijn tongh, tot alle quaat ontbonden, Die Christus deugden kon verkonden, Verhuurt hy schandigh aan de zonden.
I I I. Geen vuile taal, sprak Gods gezantt', Maar krachtigh Vloey d'oprechte waarheit van 't verstant. Zulx maakt aandaghtigh; Daar den zottenklap Ter ondeugt leit een zeekren trap. Waar toe zich veelen laten leiden, Die niet naukeurigh onderscheiden, Wat ziel verderf zy haar bereiden.
I V. Verzuim van tijt, en 't hert veraart Ten quaden,
Is 't geringhst' dat die gewoonte baart. En d'onberade Die, niet vast gestelt Ter deugt, na 't quade veeltijts helt, Wort, door zijn voorbeelt, ook bewoogen; En, zijnde door wat schijns bedroogen, Wert licht in 't zondennet getoogen.
V. Daar zeedigheit den Scepter draaght, En Kuisheit 't Herte maakt een onbevlekte maagt: Daar wijsheit t'huis leit Met haar vrugt verciert: Daar is 't verschil tuszen 't gediert' 't Welk, onbetoomt, geen wet kan hooren, En hun die godlijk zijn herbooren, Zeer klaar voor yders oog' en ooren.
V I. Bewaar u ziel en lichaam rein. Het voordeel, Dat uw geest geniet, is vry niet klein: Want in Gods oordeel Zijt ghy onbezwaart, Om dat uw' ziele bleef bewaart. Zoo elk des spotters rot wouw vlieden, En wandelen by vrome lieden, Hoe konder spotterny geschieden?
Cookies on Poetry Cove