Skip to content
1617

Vlaerdings redenrijck-bergh

Anoniem

op de wyze van den xcj. Psalm.

HET Landt door eendracht heerschen sal, Tot liefd' altijt genegen, Kan geensins komen tot den val, Wie wil daer stryden tegen? Eendracht maeckt machtich ende sterck van buyten ende binnen, 'tIs een zeer heerlijck bollewerck, te vast om in te winnen. Alwaer sich d'Eendracht onderhout men niet en heeft te vresen, Sy sturet al, helpt menichfout der Weduwen en Weesen, Al d'Onderzaten zijn gerust, Men hoort tot genen dagen geen arme Menschen met onrust daer weenen noch oock klagen. Doch waer d'Inlantsch onvre sich vint, daer gaet het al verloren, Daer is de Vader tegens 'tKint, Geen liefde kanmen sporen: Maer Haet en nijt, Twist ende strijt, Met eygenduncken prachtich daer heerschende seer wijt en zijt, Die maken 'tLandt onmachtich, So dat het licht te winnen is: Men hoorter niet dan klachten, Al waermen meynt te wesen wis, Daer machmen niet vernachten. In duysent angsten is de Mensch die hem aldaer begevet, Hy heeft met allen niet na wensch, In groot gevaer hy levet.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Vlaerdings redenrijck-bergh · Anoniem · Poetry Cove