4 Handeling, 5 Verschoninge.
ICK wensch u, Suster, weer te Land hier veel geluck.
Gerechtigheyt
Na u so hadden wy een overgroot verlangen.
Mennich vroom Man
Laet my u, waerde Vrou, in mynen arm ontfangen.
Meest alle Man.
Het herte my verheucht dat ick u weder ken.
Liefde
Van herten, Vrienden, ick oock seer verheuget ben,
Dewyl' ick van dit jock en banden ben ontslagen:
Dat d'een den and'ren nu voortane leer verdragen,
Op dat mijn vier niet meer by u werd' uytgebluscht,
So sult ghy door Gods hulp weer leven heel gerust,
En genen Vyandt sal u lange weder-streven.
Mennich vroom Man
Amen.
Meest alle Man
Het zy alzo.
Wijsheyt
Dat wil die Here geven.