Skip to content
1617

Vlaerdings redenrijck-bergh

Anoniem

Prince.

Almoghend' heylich God, drie-eenich eewich wesen, Alleen het ware goet, daer ons na staet te trachten, Als u Mayesteyt dit van d'Eg'lentier hoort lesen, Bid zy ghy oordeelt niet haer reen, wel haer gedachten. Maer u constrijcke Prins die-men minlijck ziet wachten, Ons kamers wapen een kleyne ghift, bidt sy weer, Dat zo ghy ANSIET LIEFD' by dagen en by nachten Onder beelt en bloem ghy't oogh hebt op dees bloem teer. Wit wert ghy neffens haer. Neffens haer en haer Heer, Wanneer hy u verstant met sijn licht comt berichten. Root wert ghy als sy, en hy is root min noch meer, Als hy u 'thert doorschiet met sijn vierige schichten, Die niet zijn als de Liefd' die d'Akerboom wil stichten.

In Liefd' bloeyende.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Vlaerdings redenrijck-bergh · Anoniem · Poetry Cove