Skip to content
1637

'tGheestelijck Bloem-hofken

Anoniem

Op de wijse van den XXXIV. Psalm, De vier eerste Reghels. Myn Ziel in Gode rust, Gode in my, van eeuwigheydt, Geen dinck my van de Liefde scheyd Mijn Ziele wordt ghekust. In ‘t ware wesen reyn Is ‘t’ gemoed altijd verheught, Met een lieflijck en bly geneucht

Stae ick op Godt alleyn. Hy is ‘t’ Borght, mijn Steen, Mijn heyl, mijn bystandt in der noodt, Mijn kracht, en al mijn sterckte groot; Hy is ‘t, en anders gheen. Wel hem die op hem bouwt, Die en sal nimmermeer vergaen, Maer eeuwighlijcken blyven staen: Sijn kracht haer onderhoudt.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
'tGheestelijck Bloem-hofken · Anoniem · Poetry Cove