Skip to content
1654

't Kortswylige steekertie

Anoniem

Van die Iuffr. en Monsr. Iuffr. ‘k Versaak myn leven geen natuur, Wat leeft en sweeft voelt ‘t minnevuur.

Monsr. Ik lol so soet aan Mortjes heert, Gelyck de kollen in de meert.

- - - - - - - - Hy isser deur Ha! Ha! este vous la monsieur. Hy sel dokken, Eer hy neerbons, Op ‘t pluymig dons, Van Speelgenootjes en aan ons.

Kandeel, waaflen, Van elk tien vaan, ‘t Mag ‘er op staan, Wyntje la, la, om door te slaan. Maar principaal, Een gaalyk woordt, Als sulken soort Van munnikken ons komt an boordt. Broekerhaaven! Wanneer wanneer, Lukt ons eens d’eer, ‘t Zeyltje voor u te struken neer? Laat hem binnen, Ik vrees Vrou-Bruydt, Sou schip en schuyt Roeyen sonder hem achter uyt. 16, 16, Hy isser in,

- - - - - - - -

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
't Kortswylige steekertie · Anoniem · Poetry Cove