Skip to content
1654

't Kortswylige steekertie

Anoniem

Van die Iuffr. en Monsr. Iuffr. De somma van al ‘t minne-spel, Is eer hoe liever trout slegts wel.

Monsr. De grootste sot van ‘t minnekot, Is die staag kluyft en nimmer vlott.

- - - - - - - - Voor sulke neepen in de trou, Laat d’onspoet haar so niet verveelen, Op dat s’ uw’ eer geen glimp ontsteelt, En soo vergaan door over-rou. Ay stuwt dit bootje niet te gronde, Heeft ‘t noodt- of luk-lodt oyt verbonden?

Haar Boris aan Dorothe, O neen den Heemel heeft beslooten, Den een by d’ander te vergrooten, Als Abraham by Sara dee. Leydt ons dan die ons eeuwig kende Laat ‘t hel-aas ons’ hoop niet meer schende, Vergunt ons ‘s nagts een arents oog, Een haase-tret, geswinden leeden Een zielmmet ‘t al-beschick te vreden, Wy sijn op aarden Heemel-hoog. Dorothe.Dat bidden heeft eerst klem, ‘t Verquickt myn hert en aderen, Ik hoor een Heemels stem, Door ‘t ridtselen van de blaaderen, U rijck ryst nieu-gepaarde, In Heemel en op aarde. Celeris.??Daar twyffelt niemant aan, Hoe kan de schadt verminderen,

- - - - - - - -

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
't Kortswylige steekertie · Anoniem · Poetry Cove