Philander.Stemme: Ammarilli mia bella.
ACh Philida mijn schoone,
Wie salmen nu ter tijt, van nijt verschoonen?
Ey segh waer sal hy woonen,
Die sal bevrijt zijn van de nijders tongen?
Noyt sal hy’t sijn ontsprongen:
Woont hy by menschen, hy nimmer ongequelt leeft,
Want een nijder, want een nijder, aen een yeder het sijn geeft.