Skip to content
1645

't Amsteldams Minne-Beeckie

Anoniem

Stemme: Alst begint. Ghy dorstige sieltjes die tot Napeles woont, Komt met u verroeste keelen, roeste keelen, In dees Sirelje waer hem vertoont

Silenus met Bachus Iuweelen, ja Iuweelen: Want ick hem vondt dat hy daer sat Gebonden met een hoep op een twaelif emmers nat En op dat hy daer niet sou af rollen, Al begon hy schoon te knickebollen, knickebollen. 2 Onsen Ian Thomesz den ouden Rossiaen Die was belast het Mandaet te beschicken, te beschicken, Als yder ageneren soude gaen, In den tempel van slempen en van slicken, en van slicken, Daer quamen sy half gekleet in ordonnantie aen, En onse roye Peer die droegh de natte Vaen, Begon sijn keeltjen uyt te strecken, Recht of hy Koeye-teughjes woude trecken, woude trecken.

3 Sta stil quam daer mee gedroongen aen Om den sots-dienst te bekleden, te bekleeden, Om dat hy daer geen wieroock vat vont staen, Haelden een baril al van beneden, van beneden, En vulden die met het vochtigh offerhandt, Op dat d'darmen en 't serueel verbrandt, En op dat het niemant souw belette, Riepense Fermosi Ian Tolette, Ian Tolette. 4 By desen quam Coppe onsen Orgelist, Die sloegh met sijn propere handen, propere handen Op sijn instrument daer hy dagelijcx thien stoopen uyt pist, En hy maekten sijn voegen, en sijn banden, en sijn banden, Iae dat alle die daer saten by, Tot vermeerderingh van soo soete melody,

Begosten uyt Schroeven en uyt glasen Als jonge Tritonisen te blasen, ja te blasen. 5 Op dese pijpen stelden haer d'ganse goor, Met leen en Deensche koppen, Deensche koppen En den Beer die hielt mden voys van den Thenoor Dat d'sack sijn geluyt begoste te stoppen, ja te stoppen Renaldo Bachus trouwen Herralt. Die songh het contre poinct en kort en hals den Alt Ia dat alle die het hoorden swooren Als datmen Varckens had in 't huys geschoren, ja geschoren. 6 Princen den Autheur wenscht u geluck, En een langh rustigh leven, rustigh leven En indien hy niet waer ontboden te rugh, Om hem op d'reys te begeven, te begeven,

Hy souder d'Bent wel anders maken sterck En bedryven noch wel een kudde-mans werck, Maer nu het soo niet en mach wesen, Soo beveelt hy u d'saeck mits desen, ja mits desen.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
't Amsteldams Minne-Beeckie · Anoniem · Poetry Cove