§ Prince.
Ghebruyckt deur kennisse des Gheloofs volheerdich
Wijsheyt, en houdt wt Liefden uwen Roep weerdich,
Ghy vergaert v Siele eenen salighen Pant,
Ghebruyckt puere Wijsheyt, en zijt rechtveerdich,
Minlijck sal v aensien den Heere triumphant,
Ghebruyckt Wijsheyt, want de Wijsheyt is vaillant,
Onsterflijck ghedaelt wt shemels Uaders weyen,
Ghebruyckt Wijsheyt nae t'Ghebot des Heeren, want
Den Wijsen sal Godt totter Salicheyt leyen:
Zijt wijs en rechtveerdich, op dat slants contreyen
Als Sodoma en Gomorra niet en varen:
En wilt van dwerck der rechtveerdicheyt niet scheyen,
Blijft Wijsheyt ghebruykende, by dwase scharen.
Ghebruyckt Wijsheyt int scheyen, en int vergaren:
Want landen, steden, deurpen, huysen en kercken,
Can houden in Rusten, deur t'Godlijck verclaren,
Tgebruyc der wijsheyt, en rechtveerdighe wercken.