Skip to content
1825

Printeboekje voor kinderen

Anoniem

De koek-kramer.

‘Kom maar, jongens! die 't wil wagen; Koek en steenen staan al klaar! - Drie, vier Koeken kan men gooijen, Voor een stuiver! - gooi dus maar! - Zoo maar! - laat de steenen ramlen! - Eén man heeft gegooit! - slechts acht! - Daar is kans naar! - dat zijn Koeken! - Toe maar, jongens! - niet gewacht! -’ Dus schreeuwt Klaas, de Koeken-Kramer, Lokt aldus de jongens aan; Die, helaas! hun geld verspelen, En verdrietig heenen gaan. -

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.