Skip to content
1623

Parnassus, dat is den Blijen-bergh

Anoniem

Op de wijse: Gheseghent zijn mijns liefs bruyn ooghen. Och eeuwigh Godt ick moet u loven Dat ghy soo mildelijck van boven V gratie in ons stort als wijn, Op dat wy oock heyligh souden wesen Als Catharma weert ghepresen, Heer gheeft ons u gracie fijn. Sy heeft van joncx met cloecke sinnen [...]wech der deughden gaen beginnen [...] schoon als een Robijn, [...] ghestadigh in Gods ghebleven [...] hem in een reyn leven.Heer etv. [...] liefde was in haer seer crachtigh [...] Keyser noch soo machtigh En quelden haer met groote pijn, Noch sweert, noch rayers konnen verveeren, De liefde Godts cant al verteeren.Heer etc. Sy wort ghegeesselt en gheslaghen Ghebrant met lampen sonder claghen, Het was haer ziel een medecijn, Haer herte dat was in Godt verslonden, O Heer ghy salfden al haer wonden.Heer etc.

O Catharina maeght ghepresen Wat wonder groot mocht dat doch wesen? Schoon melck compt uyt het lichaem dijn In plaets van bloedt al sonder sneven Dat heeft ghedaen u reyne leven.Heer etc. De Enghels quamen op der aerden Om v te graven met eerwaerden Op den berg Sina sonder pijn, Godt heeft dees plaets daer toe beschreven Om dat ghy soudt daer zijn verheven.Heer etc. Princersse reyn ick moet u claghen Wy hebben nu in onse daghen V hulp van doen op dit termijn, Wilt veur ons bidden dat wy quamen Daer boven by u al te samen Heer gheeft ons u gracie fijn.Amen. F.I.V.T.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Parnassus, dat is den Blijen-bergh · Anoniem · Poetry Cove