De gans.
'k Zat onlangs voor 't geopend raam
En hoorde, 'k wist niet wat,
Maar een geluid zoo vreemd, zoo raar,
Dat telkens werd hervat.
Doch toen het langzaam nader kwam,
Ontdekte ik 't waar en hoe,
Een koppel ganzen, - honderd ligt -
Kwam wagg'lend naar mij toe.
Arm dier! - en 't lot, dat u nog wacht
In 't onbekend verschiet!....
Zoo'n ganzen leven, wel beschouwd,
Is toch ook alles niet.