Skip to content
1605

Nieu groot Amstelredams liedt-boeck

Anoniem

Op de wyse: Van den Psalm Loven so wilt myn siel den Heer of, ic wil niet meer vande Mosselkens eten Laet ons den Heer der Heeren goedt Loven ende dancken altesaem, Die ons hier seer rijckelijck voedt. met spijs en dranck na den lichaem Prijst zijnen naem, die nae tbetaem Wijn en alle coren, ons menschen te vooren, Wassen doet goed en bequaem. Wilde dieren, Visschen in de Zee, Heeft hy om ons gheschapen al Beesten opt veldt, en voghelkens mee Tot ons behoef sonder ghetal Cruypt, groot en smal, tot aertsche dal met alle ander vruchten Die door soete luchten Rijpen al tot ons gheval Ghelijck als hy ons spijset hier In den lichaem cleyn en groot

Soo wil hy oock seer goedertier Ons siel spijsen met Hemels broot D’eewighe doot, doet ons gheen noot Soo wy tot hem keeren, met hertelijc begeeren Leggen thooft in zijnen schoot Prince. Lof Prince boven alle Princen sijn Lof Vader in des Hemels throon Lof moet u eewelijcken zijn Door Christum u eenighen Soon In Sion schoon, spant ghy de croon Dies moeten u loven, d’Engelen hier boven Singhende met soeten thoon

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Nieu groot Amstelredams liedt-boeck · Anoniem · Poetry Cove