Skip to content
1605

Nieu groot Amstelredams liedt-boeck

Anoniem

op de stemme: Hoe soud hy hem verblijden. Door u verborgen crachte Ciert ghy o mey het groene wout En inde coele nachte Ghy t’rieckiende ghebloemt bedout dat door u lieflijckheyt ontspruyt Aerdichlijck met veel verwen geschakiert t’Bloemsuygend gezwerm tot een bruyt Dat daer haelt de soet honich uyt: En ruysschend vreuchdich tiert, Met wet bestiert. Des wouts soet Syrenen Onder bladighe lommer groen, duysent voysen verleenen, En luydt kelich geneucht ontdoen: de seer bloemrijcke Flora ontspreyt Haer rooskens en egelantierkens soet: de westen wint vleyende waeyt, Tvelt is met tsachte gras verfraeyt dat het ghedierte voedt Tot ons behoedt. De vlechtende Wijngaerden Spruyten vol gehackelde blaen Seer liefflijck sy aenvaerden

d’Olmboomen die neven haer staen Om so tot elcks nut te brenghen voort de purpren vruchten Nectarisch van cracht ?Tclimmend klijf om d’eyckeboom voort de soetheyt wert rontsom bespoort, des winters strenghe cracht Is nu veracht. Nu baert haer loose kueren de Espersche schoone Princes d’Hertwonder tallen uren Leert de minnaers tsuchtende les, de geschubde zwemmers vocht en glat Glyen met zijn brant inde woeste zee de vlieghende finghers seer rat Vlien volbrants doort baenloose pat En tgras etende Vee voet zijn brandt wee

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Nieu groot Amstelredams liedt-boeck · Anoniem · Poetry Cove