Skip to content
1663

Nieu Bossche Geusen lied-boeck

Anoniem

op de Stemme: Coridon was moe, &c.

Prins Cardinael van Spangien Js nu uwen moet gedaen? Dat ghy ons Prins d'Oraengien Niet en soeckt om te slaen, Of heeft hy te stercken Haven Doen graven, doen graven Dat ghy 't niet en vint geraen.

Ghy quamt tot in Rijs-bergen Sloeght u Leger daer ter neer, Gheen aenval dorst ghy vergen Want wy pasten op 't Geweer, By nacht en by dagh in 't Wapen, Jn 't Wapen, en 't slapen Lieten wy voor ons Princen eer.

Wast niet om te begecken Dat ghy door u trom af riep, Doen ghy nu wout vertrecken, Die u sien wou haestigh liep En ginckt u op straet vertoonen, Vertoonen, tot loonen, Maer sijn Hoogheyt niet en sliep.

Dus komt nu selfs eens kijcken Na de brave Stad Breda Die nu gantsch wil beswijcken, Want wy komen haer te na En hoe hoe de Schaly-daken Door kraken, doort kraken Tuygen d'over groote scha.

Want ons Kanons gedonder Als een vreeselijck ghebral, Js voor Paep Jan een wonder Door het spelen op de Wal, En 't werpen van de Granaten, Ontlaten, de Straten Dat het maeckt een groot geschal.

Hebt ghy door moedigheden, Tot u Gouveneur sijn eer, De Wallen door gesneden, En 't Geschut doen sincken neer Om ons Galdery te stuyten,

En sluyten, ons buyten, Maer u valscheyt gelt niet meer.

Twee van de naeste baterijen Schieten met een sulcken kracht, Dat onse Galderijen, Js de Rijs haest in gebracht Die Bies-brugh en ander practijcken, Af-wijcken, af-wijcken, Om te leggen in de Gracht.

Het Vier-Werck dat gestelt is 't Geen de Hant-granaten schiet Een teycken wat gewelt is Dan men op den Spanjaert biet Wilt ghy nu den storm vol krachten Met machten, Vry dan Paep en Monn'ken vliet.

Het hooren-werck sijn gronden Js gemest met Spaens gebroet, Hebt ghy doen niet bevonden, d'Edel Prins sijn kloecken moet Doen vreesselijck de Mijnen sprongen Hoe songen, en sprongen Doen u Wals en Spaens gebroet.

Dus wil ick u wat raden, Prince Kardinael Jnfant Treckt uyt uw' Krijgh-gewaden, Reyst weer na u Spaensche Lant, En draeght daer de Geestelijckheden Haer kleden, met vreden, Die u beter staen ter hant.

Ghy Papen en Bagijnen Hanght de Kap nu op den Tuyn Minne-broers en Capucijnen, Scheert niet meer u kale kruyn, Broer Jaques, en Pater Sijmen, Die swijnen, die swijmen Want haer klap-muts staet te schuyn. C. Stribee.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Nieu Bossche Geusen lied-boeck · Anoniem · Poetry Cove