Stemme: Mijn Engel is vol vreughden. EY Luytjes wilt wat wijcken, En staet een weynigh om, Siet hoe hier komt aen-strijcken De fiere Pincxter-blom, Laet ons nu een Deuntjen queelen Op dese Pincxter-Feest, Dit soet geluyt Kost maer een Duyt, Laet het u doch niet verveelen, Luytjes ghy hebt mee jonck geweest. 't Is beter te aenschouwen De soetheydt van de Ieught, Als dat men met de ouwe Luy, heeft veel ongeneught: Wilt ons met geen stooters loonen, En speelt soo niet het beest, Want soo ghy ons Loont met een gons, Gierigheydt sult ghy betoonen, Luydtjes jy hebt mee jonck geweest. Dit mooy vercierde Kroontje Dat munt soo kostelijck uyt, Daer heeft mijn Suster Proontje Oock mee geweest de bruydt, Had jy-se eens sien treede, En sy sting soo bedeest, Sy stont te prijck, En sagh gelijck, Dese Pincxter-blom oock meede,
Luydtjes jy hebt mee jonck geweest. Siet al ons mooye goetje, Is 't niet wel net en rijn, Ons Leydsman is geen bloetje, Al is sy jonck en kleyn, Onse Karremelcks dief-lijer, Is een soo nobelen geest, Siet hem eens aen, Siet hem eens staen, 't Is geen Ioost, noch drooge Vrijer, Luydjes jy hebt mee jonck geweest. Nu Pincxter-blom set vaerdigh Iou montje in de plooy, En by jou handtjes waerdigh, In by jou zijdtjes mooy: Wie sal ons nu helpen singen, 'k Singh dat mijn keel is hees, Als daer geen vreught Is by de Ieught, Wel dan zijnen 't slechte dingen, Luydjes jy hebt mee jongh geweest. Dit Hempje heeft mijn Susje, Selfs oock uyt gesopt, Sy sal my geven een kusje, Want sy op duytjes hoopt, Poppe goetje sullen wy koopen, 'k Wou dat jy 't dan wat prees Dit mooye goet, Is 't dat ons doet, Met de Pincxter-blom te loopen, Luydjes jy hebt mee jonck geweest. Prince, wilt hier op mercken, Aensiet de Kindtsheyt, want Kinders doen kind're wercken, Sy toonen haer verstant, Die u doen oock ginck beschouwe 't Schoeyt al op eenen leest, Hierom met vliet, Veracht het niet, Wilt het ons ten goede houwe, Luydtjes jy hebt mee jonck geweest.
Cookies on Poetry Cove