Skip to content
1671

Nephtunis Zee-wagen

Anoniem

Stem: Geswinde Bode van de Min. ICk Vryden eens een leelijck dier Om haer mooye geldt: Maar ach! ick vondt het minne-vier Soo by my gestelt, Dat ick dacht, wat is Goudt, Als men die, die men trout, Niet Mindt Maer alleen het geldt, besindt; Als het Echt-verbondt Heeft alleen sijn grondt Op het blinckend geldt, Dan is d'Echt te slecht gestelt. Wanneer men moet alleen 't gerijf Hebben van de beurs, En niet en durreft met sijn Wijf Komen op de beurs; Dan ist eerst dat men wacht, Dat men werdt belacht. Neen, neen:

Liefde eyscht geen geldt alleen; Maer daer by een Maegt, Die ons meer behaeght Als den grootsten schat, Die'er oyt een Vorst besat. Ick vraegden 't haer, maer dagt met een, Meysje waarje traegh, En juyst, (o vreughd!) soo seyse neen Op de eerste vraegh. Toen nam ick'er mijn keer, En ick lieter de eer Aen haer. Want ick toen voort, van daer. 'k Wed wel meenigh bloedt Die, om geldt en goedt, Is in d'Echt getreen, Liever hadt soo een blaeuwe scheen.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Nephtunis Zee-wagen · Anoniem · Poetry Cove