Om een getal te raden dat iemand gedacht heeft.
Laat iemand een getal denken, en hetzelve verdubbelen, dan nog 4 daarbij doen, en de gansche som met 5 multipliceren, bij het product laat men nog 12 adderen en alles met 10 multipliceren, eindelijk laat men van deze laatste som 320 aftrekken, en vraagt hoeveel er nog overig is; van deze som snijdt men de twee laatste cijfers af, en het overschietende is dan het eerst gedachte getal.
Het gedachte getal zij
8
verdubbeld
8
_____
16
add.
4
_____
20
multip.
5
_____
100
add.
12
_____
112
multip.
10
_____
1120
af
320
_____
8 |00