Skip to content
1800

Het nieuwe tulpje

Anoniem

Op een Aangenaame Wys.

1Een tuinman droef en moedig, Zong een zoo’n treurig liet, In boom en bloemen perken, Zag men hem vlytig werken, Zijn vlijt mishaegd hem niet. bis. 2Hy had veel treurige dagen, En storten traen op traen, Die uit zijn oogen vlooten, De planten reeds begooten; Den tuinman hief dus aen. bis. 3Geen bloem kan mijn verheugen, Daer is geen vreede meer, Moet ik agter de donk’re muuren Mijn klaegend leed bezuuren. Dan zie ik u nooit meer. bis. 4Geen bloem kan mijn vermaeken, Terwijl gy de schoonste zijt, Ach, mogt ik op u wagten, Ik zou in mijn tuin vernagten, En staeken al mijn vlijt. bis

5Mijn lieve tuinmans meisje, Mijn leven neemt reeds af, Ach, mogt het mijn eens gelukken, U aen mijn hart te drukken, Dan graef ik op mijn graf. bis. 6Zoo mijn den bloem ziet sterven, Zoo wensch ik ook myn dood, Zy sterven zonder reegen, Zoo sterven ik om uwent weegen, Ach, was ik in u schoot. bis.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Het nieuwe tulpje · Anoniem · Poetry Cove