Skip to content
1675

Het nieuwe Nassouse trompetje

Anoniem

Stem: Het is geschiet wilt hooren, &c. DRaeght rouw inlantse Spangien Der Victory in Vlaenderlandt, Van den Prins al van Orangien Albertus en d' Admirant, Draeght rouw en wilt beweenen Cruynenburgh breet en smal, U druckelijck verkleenen, Blockenburgh Hout en Steenen Heeft perijckel al door den val.

Aen de Weert in de drie Kroonen t' Engelenburgh geloogeert, Gaet daer nu om verschoonen Om hulp hem obediert,

Want meest is nu verslegen Die u placht voor te staen, Doodt, vangen en gekregen, Door ongeluckigen zegen, 't Schijnt ghy moet al verlooren gaen.

By Nieupoort hoogh van Meuren In July den tweeden dagh, Naer middagh omtrent twee uren Geschiede den grooten Slagh, Gekrijt en veel ellende Was daer aen beyde partien: Dat men nau paden en kende Tusschen Nieupoort en Oostende, Van den Bloede en doode Lien.

't Geweldigh vyants aenvechten Was eerst op 't Schots quartier, Met Ruyters ende Voetknechten,

Seer vreeselijck en bloetgier, Eene Schans vol Soldaten, Kregen zy met accoort, Die Nassous volck moesten verlaten; Maer Albertus tot zijnder ontbaten Die heeftse tierannigh vermoort.

Briesschende zy aenquamen, Met eenen stouten hooghmoet, Ons Heeren dat vernamen, Deden eenen val te voet, Elck lustigh hem verfraeyde Tegen haer vyanden strangh, Soo dat niemandt dolaeyde, Maer die Fortuyne draeyde Meer dan twee uren langh.

Coragie, Coragie mijn Kinderen Riep den Prins, in 't openbaer,

Haer macht begint te minderen, Nu wil ick als een Vaer, Met u leven en sterven, Coragie tot deser tijdt, Laet ons prijs en eere verwerven, En den vyandt doen swerven Met schanden in desen strijdt.

Maer Godt door zijne genade Heeft sijn Excellenty bewaert, Met sijn Heeren wijs van rade, En den vyandt beswaert Met overvloedige Dooden Ontalbaer ende veel, Besegelt met Geuse Looden, Hier ende daer gevloden Op Arm, Rijck en Eel.

D' Admiraut met meer Heeren,

Menigh Hartogh en Baroen, Moet den Graef nu Geusen leeren En den Prince eere doen, Want Dooden en gevanghen Was daer de meeste leus, 't Magh den Delver wel verlangen Dat 't Spel soo is vergangen Ter Victory al van den Geus.

Ons volck als Helden vochten Met zijn Excellentie wijs bedacht, Hoe wel sy veel stormen brochten, Maer Godt door zijnder macht, Gaf sterckheydt en victory Zijn volck kleyn en groot, d' Welck Godt zy eer en glory, En den Prins tot memory Van 't loffelijck Exploot.

Hier mede gedenckt Princesse Infante Claer Isabel, Doen u Man met sijn Noblesse Trock, deed ghy hem bevel, Voor u Maurits te brengen Voor eenen Intre prijs, Om den boosen Geus' te dwingen Maer hem doch sonderlingen Den Ketter seer afgrijs.

Notre Dame de Lorette, Vesoeckt nu om secours, Dat zy Ketter Geus beletten Te maecken soo veel rumoers, Zijn Altheez is geslagen Schier doodt vol swaer ellendt, Romeynen wilt nu klagen En over hem rouwe dragen

En u tot Geusen went.

Prince 't dient niet verholen Jonck, Oudt, Arm en Rijck, Den Almogende bevolen Looft prijst hem alle gelijck, Prijs en eere wilt oock geven Zijn Excellentie vroet, Met sijn Heeren verheven, Die den brandt heeft verdreven Met sijn Spaensche gebroet,

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Het nieuwe Nassouse trompetje · Anoniem · Poetry Cove