Skip to content
1690

Het nieuwe groote harpje

Anoniem

Stemme: Een gebrooken hert na Godts, &c. Ghy Menschen zijnde van God geschapen, Wilt niet verslapen den schoonen tijdt, Poogt om u zaligheyt te betrapen, Als Christi knapen toont uwen vlijt, Sonder respijt, wilt allegaer, Aen Israel leeren, U te bekeeren, Om Zalig te worden int Nieuwe Iaer. Met herten berouw als David dede, Wilt maken vrede met uwen Godt: Laet de sonde niet meer hebben de stede, Doet neerstighede om sijn Gebodt,

Recht naer te volgen, 't is geen spot, Den Heere tot sijn Rijck eenpaer, Roept elck mensche met herten wensche, Om saligh te worden int Nieuwe-Iaer. Gelijk Manassis met vierig pogen, Wilt boete togen, so doet gy wel: De Niniviten sagh men voor oogen, Haer vreugd verdroogen, in vasten snel, In haer sacken met goet opstel, Al haer rebel leven voorwaer, Geheel verlaten, tot haerder baten, Om Zalig te worden int Nieuwe Iaer. De Moordenaer met groot bedugten, Betoonde vruchten van rechte boet, Desgelijcks Petrus oock met suchten,

Om zonden vluchten Zacheus vroet: De Zondaresse met groot ootmoet, Bekeerden soet, gelijck wy klaer Godt onderdanigh, Heel Publicanig, Om Zalig te worden int Nieuwe Iaer. Oorlof Konst Broeders Pellicanisten, Toont sonder twisten, Dat Trouwlijck blijkt, Wijnrancken groen als Edel Aristen, En Mercuristen in konst verrijckt, Liefd boven al niet beswijckt, Onvreede wijckt, en wilt eenpaer, U reyn vercieren, Als wit Angieren, Om Zaligh te worden in 't Nieuwe Iaer.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Het nieuwe groote harpje · Anoniem · Poetry Cove