Skip to content
1640

Haerlems oudt liedt-boeck

Anoniem

Van den ouden kouden Man; Stemme: Het Meysje op den Oever. Noch weet ick een oude koude Man Daer ick soo geern by waer, Hy heeft al op zijn Soldertjen

Kooren van seven Iaer. Koorentje van seven Iaren Hoe geern was ick by dy” Als ick den Ouden kouden man aensie Hoe seer bedroef ick my. Als ick den ouden koude man aensie Met zijnen grijsen Baert Soo beven alle mijn Ledekens, Soo seer ben ick vervaert. Als ick om hem gae peynsen En om hem peynsen moet, Soo rollen my mijn Tranen. Van mijn Hooft al tot mijn Voet. Die Tranen die dat Meysje weende Die hebben den Ruyter wee, Sy vielen op zijn hartje, Veel kouder dan de snee. Zy vielen hem op zijn hertje Veel kouder dan een Ys? Mijn Liefjen is ter schoole geleyt, Ter schoole van Parijs. Schoole seydt sy schoole van Parijs Ick wou dat ghy stont in brant, En dat ick met mijn oversoete Lief Sou varen na Enghelant. Schoon lief als gy na Engelant vaert Soo set op uwen Mast Maer een soo bloeyend’ Rijseken, Dat ick u kennen mach. Met een soo bloeyend’ Rijseken Wat soud’ ick daer mee doen? Pluck ick van u een Bladeken Van ’t Iaer wort ghy niet groen. Pluck ick van u een Bladerken Soo kleynen Bladelijn Dan most ick het lieve langhe Iare U eyghen by-slaep zijn.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Haerlems oudt liedt-boeck · Anoniem · Poetry Cove