Skip to content
1804

Gezangen voor kinderen en jonge lieden

Anoniem

't Vrolijke kind in den morgenstond.

Kom vlug uit het bedde; De Haan heeft gekraaid. Reeds zingen de vogels; De morgenlugt waait. Hoe schittren de straalen Der rijzende Zon: Zij spiegelt zich vrolijk In beek en in bron.

't Is alles reeds leven In 't veld en in 't woud. 't Zingt alles van vreugde; 't Blinkt alles van goud. Hoe vrolijk, hoe lustig Is 't hart ons te moê. 't Brengt, juichend, Gods goedheid Een Lofgezang toe.

Uw Naam zij gepreezen, o Schepper van 't Licht! Dat zijn wij en alles, o God! U verpligt. Zelfs Kindren verheffen, Bij 't zalig genot, Bij zoveel genoegen, Uw goedheid, ô God!

Maar, liefderijk Vader! De ons passende dank Bestaat niet in woorden Of ijdelen klank. Neen! U zijn wij dankbaar, Wanneer wij met vlijt Oplettend besteeden Den kostbaaren tijd.

Uw wil word, o Vader! Volkomenst volbragt Door werkzaam te wezen Met wijsheid en kragt. Gij gaaft ons het leven, De kragten schonkt Gij; - Komt dan aan den arbeid - Gehoorzaamen wij.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.