Skip to content
1668

Enchuyser liedt-boecksken

Anoniem

Toon: O saligh heyligh Bethlehem. WAt is d’onnoosle eensaemheydt? Wat is het eerbaer maegde leven? Een bittre vreugt, die, lacchend,schreyt. Een water-bel, door windt, verheven. ’t Sorgvuldig Eentjen dat in’t kroost, Alleenigh swemt, vindt geen vermaken; Heur Waert is al’er hooft en troost, En mistse die ’t sal nauw eens quaken. Het simple duyfjen heeft verdriet Wen ‘t, ongepaert, in ’t hok moet loopen: Maer wen m’er doffer by’er schiedt, Hoe licht gaet dan ‘er beckjen open? Het kort, het draeyt, het schrabt, het wroet, Het toont terstondt een ander leven: ’t Is dan heel vroo en wel gemoet; Wijl ’t kusjes krijgt en weer mag geven. Sie Cloris, dit ’s een sinnebeeldt

Om, voor uw soet gesicht, te toonen Wat vreugde ontrent het huwen speelt, En hoe de min een Maegt kan kroonen. Hier rust u sorgh, daer glimt u gout. Hy is u Son, ghy zijn vermaken. De suyvre liefde is hier het zout; Dies sal u alle dingh wel smaken. God wil u dan, vernoeghlick paer, Voort zegenen en soo bestieren, Dat ghy, verlost van ’t aerdts gevaer, Om hoogh een eeuwigh feest mooght vieren.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Enchuyser liedt-boecksken · Anoniem · Poetry Cove