op de wijse vanden li. Psalm, ontfermt v ouer my etc. Vermaledijt is die huer ende tijt, Dat ick int Nederlant oyt ben ghecomen,
Dat my die Jnquisicy sonder schromen Oyt heeft vercoren, dat my nu wel spijt: O ick onsalige meynde subijt Tlant geheel tot mijnen profijt te winnen Maer ic ben alder menschen herten quijt, Crijch ick geen troost, so verlies ick mijn sinnen.
Al heb ick veel onnoosels bloets vertreen Gebrant, gedoot, geworcht ende gehangen, Veel Edelen, Ja Grauen int verstranghen, Gebracht, end ts'lants Privilegy met een Te niet gedaen, end veel maechdekens reen Tot schand gebracht, ende oock die Ord[e] der Staten Gantslic veracht, dit deed my vreese geen, Had ic den Thienden Penninc na gelaten
Dees Flamingos, dees Luthrianen onvroet Cond ick onder mijn Tyrannije plagen, Al had ick al die vromen doot geslaghen, Niemant en rebelleerden mijn gemoet Tot haerder schande, end al haer gebroet Moesten sy onder d Jnquisicy beuen, Een Engel was ick voor haer oogen soet, Nu een duyuel, niemant en gunt my tleuen.
Vervloeckt moet zijn die dach ende die nacht, Datmen in Engelant mijn gelt heeft ghehouwen:
Dit heeft dat quaet altemale gebrouwen, Dat ick haer Mammon moest roeren onsacht: Tbederuen haers Lants hadden sy geen acht So lang ic haer by den Vleespot liet blijuen Maer nu ic haer Mammon aenroer met cracht, Willen sy my wt de Landen verdrijuen.
Prinslicke Paus met al v Santen vry, Bidt, leest, en smeeckt, en wilt Processy voeren, Bidt Sinte Ludtsaert Maerschalck van v Hoeren Juth, Claes, en Pieter, end Sante Soffy, Nostra Senora de Valladoly, End oock Sint Joriaen, daert al moet voor vreesen, Hondert duysent Sielmissen doet voor my Ende laet Granuella dat Requiem lesen. Liefde vermacht al fecit.
Cookies on Poetry Cove