ende gaet op de wijse Swinters Somers euen groen. Laet ons nu alle vrolick wesen, Door dese feeste van accoort Die menich heeft genesen Die van drucke laghen versmoort Want die Bruyt is nu ons Medecijne Seer fijne compt sy ons te pas Met accoort en minne fraey van schijne Helpen ons op die beenen ras.
Hertelicken begeeren vrymoedich Met vierich appetijt eerbaer, Brenghen haer vyanden bloedich Tot onderdanicheyt voorwaer, Also nu blijckt in dees Nederlanden Met schanden mense wijcken siet Door de viericheyt menigherhanden Diemen aen vele menschen spiet.
Deucht en Eer is vader en moeder Al van accoort tprincelick vat, En helpen met als tslants behoeder
So dat hy crijcht so menige stadt Om daer deucht is te doen blijcken En afwijcken van haer voorstel Dus laet ons Godt dancken alle ghelijcken Dat hijt dus heeft geuoecht so wel.
Goeden Wille Leeraer verheuen V viericheyt ghy nu wel toont Om met accoort en minne te leuen, Waer Christus oock int midden woont, So dat ghy v nu wel moecht verblijden Gheen lijden canmen v aendoen, Want de Bruydegom sal v beurijden Al spreken sy oock noch so coen.
O Eerbaer Conuersatie schoone Een bode van dit hijlick groot Ghy roept so menigen persoone Die lang hebben geweest benoot Om inden tempel volle van deuchden Met vreuchden te comen net en fray Waerin hem menich mensche verheuchden En zijn gecomen sonder dilay.
Prince. O Princelijcke daden alle Die in dese Vrede zijn gedaen Ghy zijt seer sterck van ghetalle Om tegen alle quaet te staen Dus bidden wy v mannen en wijuen Wilt verstijuen in Gods woort Gods woort is, en sal eewich blijuen Door dit houwelijck van Accoort.
Cookies on Poetry Cove