Skip to content
1800

De vrolyke zee-lieden, verheugd over de vrye zeevaart

Anoniem

2.

Ziet Jantje geprezen, Wat heeft hy mooje kouze aan, Om by de Mysjes te zyn aan genaam, Daar by draagt hy een ronde hoed, Van binnen slegt van buiten goed, Daar meê zo loopt hy dag en nagt, Om Dochters te beminnen, Al incroijabel daar hy na de mode gaat, Lugt en compabel komt hy op de straat.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.